Afromen ongeschikte methode

Bij de bepaling van een zakelijk salaris voor de DGA grijpt de fiscus graag naar het wapen van de afroommethode: dat levert doorgaans het hoogste resultaat op. Bij de afroommethode wordt de door de bv behaalde winst afgeroomd met een stevig salaris voor de DGA, dat uiteraard vervolgens progressief belast wordt.

Op zich is de afroommethode een door de Hoge Raad goedgekeurde methode, die echter lang niet in alle gevallen mag worden toegepast. Afromen kan pas aan de orde komen als een zakelijk salaris niet door middel van vergelijking kan worden bepaald. In een berecht geval had de inspecteur onderzoek naar vergelijkbare gevallen achterwege gelaten. De inspecteur was van oordeel dat gelet op het specifieke karakter van de onderneming afromen geboden was. Met dat algemene betoog wist hij de Rechtbank niet te overtuigen dat de vergelijkingsmethode niet toegepast kon worden. De navorderingsaanslagen loonbelasting gingen dan ook van tafel.
Omdat sinds 2015 niet meer gewerkt wordt met het begrip ‘soortgelijke dienstbetrekking’ maar met het begrip ‘meest vergelijkbare dienstbetrekking’ zal afromen zo is de verwachting steeds minder vaak toegepast kunnen worden.