Differentiatie in bijtelling is geen discriminatie

Het bekende bijtellingstarief voor ‘de auto van de zaak’ bedraagt sinds dit jaar 22%. Maar er zit wel een levensgrote adder onder het gras. Dit percentage geldt enkel voor auto’s met een eerste toelating van op of na 1 januari van dit jaar. Voor auto’s met een eerdere toelatingsdatum geldt nog steeds het eerdere bijtellingspercentage van 25%.

Dat riekt naar discriminatie, reden voor een viertal proefprocedures bij de Rechtbank Den Haag. Dit college heeft echter besloten dat de door de wetgever gebruikte overgangsregeling niet in strijd is met het gelijkheidsbeginsel. Het levert verder ook geen ‘individuele en buitensporige last’ op.
De rechtbank was van oordeel dat de wetgever met het overgangsrecht onder andere onwenselijke effecten had willen voorkomen. Wie bijvoorbeeld een nieuwe auto zou gaan leasen zou kunnen kiezen voor een minder zuinige auto, omdat het bijtellingspercentage toch verlaagd zou gaan worden. Ook was de keuze van de wetgever voor een overgangsregeling niet van redelijke grond ontbloot. Van een ongeoorloofde ongelijke behandeling was daarom geen sprake. Ook hadden de werknemers volgens de rechter niet aannemelijk gemaakt dat zij werden getroffen door een individuele en buitensporige last.
Het betrof zoals gezegd een viertal proefprocedures. Deze slag is voor de belastingplichtigen verloren, maar de oorlog nog niet. Wordt zonder enige twijfel vervolgd.