Verzet tegen UBO-register begrijpelijk maar afgewezen

Rechtbank Den Haag heeft de eis van belangenorganisatie Privacy First om het UBO-register (tijdelijk) buiten werking te stellen, afgewezen. Een belangrijk argument voor deze afwijzing is dat het UBO-register is gebaseerd op Europese anti-witwasrichtlijnen.

Door het verzoek van Privacy First toe te kennen, zou de rechter de Staat dwingen in strijd met de Europese richtlijn te handelen. De rechter toont wel begrip voor de twijfel over de rechtsgeldigheid van (onderdelen van) de Nederlandse wetgeving rond Ultimate Beneficial Owners (UBO’s). De rechtbank sluit niet uit dat de hoogste Europese rechter zal oordelen dat het openbare karakter van het UBO-register in strijd is met privacyrichtlijnen.
De rechtbank heeft geen prejudiciële vragen gesteld aan het Hof van Justitie van de EU. De Luxemburgse rechter heeft namelijk eerder zulke vragen gesteld, dus de kwestie ligt al bij het Hof.